5 redenen waarom uw spellingcontrole niet heilig is

Een blink op morgen‘Ik heb toch de spellingcontrole gebruikt en die geeft geen enkele fout aan.’ Het belangrijkste excuus als er weer eens een spel- of schrijffout in een tekst wordt ontdekt. De spellingcontrole leest wel na, en dus hoeft u het zelf niet meer te doen.

Maar dat klopt niet.

Een spellingcontrole werkt heel anders dan een menselijk brein. Hoe? Op basis van woordenlijsten.

  • Staat een woord niet in die lijst, dan rekent de spellingcontrole het fout. Ook als het volgens de regels correct is gespeld. Of de spellingcontrole herkent het niet, en herkent dus ook geen spelfouten.
  • Staat het er wel in, dan rekent de spellingcontrole het goed. Ook als het binnen de context niet juist geschreven is.
  • En staat er iets in dat in de buurt komt van hetgeen geschreven is, dan krijg je suggesties of grijpt de autocorrect in. En dan krijg je soms hele rare resultaten.

De meer geavanceerde spellingcontroles werken ook met context, met enkele basisregels over zinsbouw en met woordsoorten. Maar dat zijn niet de spellingcontroles die u gratis bij een tekstverwerker krijgt.

5 gevolgen van die woordenlijsten:

  1. De spellingcontrole kent uw supercreatieve* hypernieuwe spaggastische* woordenschatuitvindsels niet. Ofwel worden ze fout gerekend, ofwel worden ze niet beoordeeld. En kan er dus een fout blijven staan.
  2. De spelling controle** heeft er geen probleem mee samen stellingen** los te schrijven. Want de losse woorden zelf zijn ook correct.
  3. De spellingcontrole vindt verassing even correct als verrassing. Want die woorden staan allebei in de lijst. ‘De verassing** van mijn vader was een groot succes.’ Geen probleem voor de spellingcontrole.
  4. De spellingcontrole ontdekdt* alleen dt-fouten als dat onbestaande (of onbekende) woorden opleverdt*. Als de versie met d, t en/of dt* allemaal kunnen, ontdekt ook hij ze niet. En zo gebeurd** het wel eens dat er eentje blijft staan. Dat geld** overigens voor veel werkwoorden.

    bestormt bestormd

    Ziet u de bioscoop al een kassa bestormen?

  5. Een spellingchecker kent geen vreemde talen. En dus ook de spelling van die talen niet. Engelse woorden die volgens de Nederlandse spelling correct zijn gespeld, zijn ok, ook als ze in het Engels fout zijn geschreven. En omgekeerd. If* you* now wat** I maen*.

Uitschakelen dan maar? Nou nee. Natuurlijk heeft de spellingcontrole ook voordelen. Hier zijn er alvast drie.

3 redenen waarom de spellingcontrole wel een handig hulpmiddel is tijdens het schrijven

  1. Tikfouten waar je zelf gemakkelijk overheen kjikt*, haalt hij er zo iut*, zelfs terwijl je nog aan het typen bent.
  2. Een woord woord* per ongeluk herhaald? De spellingcontrole ziet dat sneller dan jij.
  3. Je twijfelt of het nu onmiddelijk*, onmidellijk* of onmiddellijk is? Met de spellingcontrole weet je het meteen, en de autocorrect neemt je zelfs de beslissing uit handen. Opgelet: dit geldt alleen voor woorden die je maar op 1 manier correct kunt schrijven (zie reden 3 hierboven.)

* Als fout gemarkeerd door mijn spellingcontrole. Alleen terecht bij ontdekdt, opleverdt, en de drie redenen waarom het wel een handig hulpmiddel is.

** Onterecht niet gemarkeerd. Deze woorden zijn dus fout gespeld.

Uitsmijter: een gedicht uit 2004. Ook volgens mijn huidige spellingcontrole is er niets mis met deze tekst.

Ode aan de Word spelling controle

Ik heb een spelling ‘s jekker
In die p c fan mei
Die vraag ik steeds te kei ken
Offer ook vouw ten sein

Ik tip een toets en mak een wort
En wacht op wad ie zeg
Of ik nauw goed zit offer keert
Hei ken in taal sein weg

Zo gouw er een ver gissing is
Zeg hei dat dus die rekt
Dan maak ik al men fouten gut
Soda tut beter bekt

Ik dé dit stuk ook door ‘m heen
Ben blei dat hei toen zij
Dat ie geen vouwtje fin den kon
In ‘t neder lans fan mei

Eén reactie

  1. Drie redenen waarom spellingsREGELS niet heilig zijn:

    Één : Ze vervullen geen nuttige maatschappelijke functie.
    (Terzijde: wist je trouwens dat één niet meer mag? Hoe moet ik anders duidelijk maken dat ik een bedoel en niet een???)
    Waarom niet? Omdat de betekenis van een geschreven taal, niet de spelling, het belangrijkst is. Of je nou zowiezo spelt of sowieso, daarentegen of daar in tegen, boven aan de trap of bovenaan de trap, waarneer of wanneer, licht of ligt, kado of cadeau, ik kan zo wel een tijdje door gaan, maar mijn punt is dat of een woord nu wel of niet conform een academisch bepaalde norm is, niet of bijna nooit toevoegt of wegneemt van de betekenis van dat woord. Uiteindelijk is vrijwel de enige functie van een tekst om betekenis op een visuele manier over te brengen, hierbij is de interpretatie van de lezer cruciaal, niet de correctheid van de spelling, noch helpt die correctheid vaak of meestal met de lezer’s interpretatie.

    Twee: Spellingsregels discrimineren tegen dyslectische mensen.
    Voor mij is het heel makkelijk om woorden correct te spellen, jawel, ik weet best dat ik “lezers” had kunnen spellen eerder, en niet “lezer’s” (ik vind lezer’s duidelijker). Voor iemand met dyslexie is dit natuurlijk een ander verhaal. Dit zou helemaal niet zo erg zijn als er niet zo’n hoge waarde werd gehecht aan spelling, maar helaas is deze in vrijwel elke context een eis van de gemiddelde lezer. Als er ook maar één foutje in een tekst staat, dan is dat een waardig punt van kritiek voor de schrijver, de gehele inhoud van de tekst kan soms zomaar verworpen worden uit minachting voor een relatief grote hoeveelheid spelfouten. En dus, moeten dyslecten, zowel als dyslectici, over de hele wereld veel meer moeite in het schrijven van teksten steken dan de gemiddelde schrijver. Ik zal niet doen alsof ik weet hoe erg dit is, ik denk er zelf nooit over na, maar ik kan me voorstellen dat dit hun leven oneerlijk moeilijker maakt, en dat is onnodig.

    Drie: Spellingsregels zijn volledig subjectief.
    Echt waar, volledig subjectief. Conform het groene boekje is niet beter dan in tegenzin met het groene boekje, ik ga nog verder, het Latijnse alfabet is niet beter dan het Cyrillische, Hebreeuwse, Arabische of Chinese. Spellingsregels zijn stijlregels, stijlregels kunnen best gevormd zijn onder een bepaalde interne logica, maar die logica hoeft geen functie te hebben, en heeft die ook niet.

    McDonalds verfde zijn muren ooit rood uit overtuiging dat dit de eetlust bevordert (nu verven ze die groen om meer op Starbucks te lijken), dit was een toepassing van stijl met een bepaald doel: zo snel mogelijk je klanten doen eten zodat ze zo snel mogelijk plaats maken voor nieuwe klanten. Logisch en nuttig, niemand die dat kan tegenspreken.

    Neoclassicistische gebouwen gebruiken slechts drie verschillende colommen: Dorisch, Ionisch en Corinthisch. Volstrekt logisch, dat waren de colommen die voorkwamen in Griekenland en het Romeinse Rijk, de stijl die neoclassicisme probeerde na te apen. Logisch dus, maar niet nuttig. Of een architect nu wel of niet aan deze regels voldeed, een aantal decennia later kwamen de modernistische architectonische bewegingen op gang die net zulke mooie, nuttige en houdbare gebouwen uit de grond stampten zonder aan deze regels te voldoen.

    Op mijn middelbare school gold ooit een stijlregel: absoluut geen witte sokken. Waarom niet? Omdat je er dan als een nerd uitziet. Dit is een regel die niet logisch is en ook niet nuttig, en toch werd hij gehandhaafd door alle waardige leerlingen.

    Spellingsregels, stijlregels van de spelling, komen vrijwel altijd overeen met de laatste twee voorbeelden. Vaak heeft het een soort interne logica (leenwoorden volgens de spelling van de moedertaal, achternamen met voorvoegsels beginnen alleen met een hoofdletter als er geen voornaam voor staat, in Nederland tenminste). Meestal is zo’n interne logica niet van orde, en vrijwel nooit hebben ze, de spellingsregels, enig betekenisvol nut. Ik kan hier uitleg bij geven, maar ik laat het aan de mogelijke lezer over om een voorbeeld te verzinnen die overeen komt met het eerste voorbeeld, en dus wel nuttig is. Één voorzorgsreactie: regels die synoniemen van elkaar scheiden door middel van spelling zijn niet écht nuttig, hierbij voldoet de context van de zin namelijk vrijwel altijd aan deze eis, en zo niet, wat bijna nooit het geval is, dan kan context ook op andere manieren achteraf gegeven worden: Eis, de juridische term, niet een eisje dat je eet op een hete zomerdag. Niet waterdicht dus, maar zeker niet een cruciale reden voor spellingsregels.

    In conclusie, het is fijn dat er een soort standaard is onder Nederlandse spelling, maar hij word ernstig geoverwaardeerd, sommige mensen obsederen zich er over, dat is gewoon niet nodig en zelfs schadelijk. We moeten allemaal, als Nederlands sprekende schrijvers (daarmee bedoel ik iedereen die momenteel iets aan het schrijven is), even een stap terug nemen, diep inademen, en een wereld bedenken zonder spellingsregels, waar de norm wordt bepaald door het volk en niet academici… Is dat een dystopie? Ik zie een wereld waar dyslectici flierefluitend teksten schrijven zonder een zorg in de kop en waar teksten op hun betekenisvolle inhoud worden bekritiseerd, en niet de stijl van hun spelling, en het belangrijkst, ik zie een wereld waar het ongelofelijk saaie vak Nederlandse taal niet meer verplicht is.

    Ik ben zo trots op deze tekst, misschien dat deze wordt opgepikt door een examencomité? Dromen, narcistische dromen. Volgens mij moest ik voor mijn eindexamen een internetreactie nakijken, maar ik kan het fout hebben.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *